Roel Terlien

rterlienDoor het overlijden van Peter Somers in 2005 verloren wij niet alleen een goede schaakvriend, maar ook een bekwame en inspirerende voorzitter.
Bij de daarop volgende jaarvergadering stelde Roel Terlien zich gelukkig meteen beschikbaar om de fakkel over te nemen van Peter.
Inmiddels is Roel al een half jaar in functie, een goede reden om hem eens in de schijnwerpers te zetten.

Ik zoek hem op in Blaricum, waar hij sinds een aantal jaren woont met zijn vrouw Wil die zich ook met denksport bezig houdt: bridge.
Roel studeerde textielchemie in Duitsland, en vanaf die tijd lange tijd werkzaam geweest als textiel- en tapijtindustrie als ververijleider, inkoper en kwaliteitsmanager.
Tussendoor was hij een aantal jaren wethouder Ruimtelijke Ordening en Verkeer voor het CDA in Eemnes.
In 1995 raakte Roel zijn baan kwijt bij Heuga na een drastische reorganisatie, en werd toen freelance adviseur in de tapijtindustrie.

Roel was als jongen een heel wild exemplaar en had maar één liefhebberij: voetbal. Dat leverde hem een aantal verwondingen en een paar hersenschuddingen op, daarom verboden zijn ouders hem lid te worden van een voetbalclub. Op de Mulo had Roel echter een paar vriendjes die lid waren van de Hilversummer schaakclub “De Ivoren Toren”.
Daar startte hij zijn schaakcarrière totdat hij 4 jaar later het land moest verlaten voor zijn studie.
Na jaren geen stuk meer aangeraakt te hebben viel zijn oog op een krantenartikel waarin geïnteresseerden werden opgeroepen om deel te nemen aan de oprichting van een schaakclub in Eemnes.
Zo werd Roel medeoprichter van Het Dikke Torentje en tevens een lid van het eerste uur.

Ik vraag Roel naar de gang van zaken in die tijd.

Roel: “We hadden toen nogal wat leden en konden met gemak een sterk tiental formeren. Ik kan me herinneren dat we bijna wonnen met 10-0, maar doordat ik een remise moest toestaan ging dat niet door en werd het helaas 9,5-0,5 met als gevolg dat mijn teamgenoten mij verrot gescholden hebben…”

Gelukkig bleef Roel doorgaan met zijn de schaaksport en heeft daar zo zijn eigen kijk op:
“Ik schaak omdat ik individualist ben. Als er iets mis gaat dan heb je het helemaal aan jezelf te wijten. De 6e plaats is de hoogste plaats die ik tot nu toe heb behaald. Mijn niveau blijft op dit moment stabiel. Ik ga niet vooruit, maar gelukkig ook niet achteruit. Misschien blunder ik wat minder dan vroeger.
Ik speel allerlei openingen, maar op dit moment speel ik het liefste Spaans.
Ik deel mijn tijd goed in en ben nog nooit door mijn vlag heen gegaan.
Mijn gebrek aan planmatigheid tijdens een partij is een zwak punt evenals mijn eindspel. Tijdens een partij loop ik veel, vooral als de tegenstander lang nadenkt.
Ik heb beweging nodig. Als ik een verkeerde zet doe of ergens van schrik, laat ik helemaal niets merken, ik blijf stoïcijns.
Ik kan goed tegen mijn verlies, ik laat mijn humeur er niet door bederven tenzij ik onnodig verlies in de eindfase.
Iedere serieuze partij die ik speel wordt achteraf geanalyseerd, daar leer ik veel van.”

Iedere schaker heeft zijn Angstgegner, Roel heeft er ook een:

“Van Jacob Eek heb ik nog nooit gewonnen, ik heb zelfs nog nooit een remise tegen hem gespeeld. Hij is gewoon te sterk voor me.”

Alle schaakclubs in Nederland hebben te maken met flinke problemen:
Vergrijzing en een teruglopend ledenaantal. Ook HDT wordt geconfronteerd met dit verschijnsel. Onze voorzitter heeft daar een visie op.

Roel: “Als er niet meer seniorleden bijkomen, dan komt het bestaansrecht van onze club onder druk te staan. We zullen jonge juniorleden die doorstromen naar de senioren wat beter moeten begeleiden, zodat ze misschien wat langer blijven.
Een tijd geleden heeft het bestuur alle ex-leden aangeschreven om een nieuw lidmaatschap van HDT te overwegen. Dat heeft helaas totaal geen resultaat opgeleverd…
Dat is jammer, want we bieden behalve schaken ook gezelligheid en ongedwongenheid.
Misschien moeten we eens een keer met z’n allen een schaaktweekamp organiseren met Laren, daar kan eventueel nog iets moois uit voortkomen.”


Bob Kat